Radwege in Deutschland

Ja, hoe zit dat eigenlijk met die verschillende typen fietspaden in Duitsland?

Uit drie opeenvolgende vakanties en ruim 3000 km tussen Wesel en Berlin, Cuxhaven, Peenemünde en Regensburg doemt een gevarieerd beeld op:

a) blijfietspaden

a1 – het Drolletjespad

Een glad betonnen fietspad bovenop zee- of rivierdijk dat geheel bevlekt is met schapekeuteltjes, die de fietsbaarheid niet negatief beïnvloeden. Aangelegd met EU-subsidie. Op deze paden heerst een stevige wind in de rug, is het halfbewolkt en ongeveer 17 graden. Dagafstand: makkelijk 100 km.

a2 – het ex-DDR tegeltjesdijkpad

Lijkt op het Drolletjespad, maar wat onregelmatiger. Langs deze paden wemelt het van de onverwachte restaurantjes, en je wordt baak begeleid door om je heen vliegende zwaluwen. Zwakke tot matige mee- tot zijwind. Dagafstand ~ 80 km.

a3 – het Ústi nad Labem-pad

Een onverwacht, niet op de kaart vermeld staande gloednieuwe vrijliggende fietspad. Rood of zwart van kleur. Kan ook even plotseling weer verdwijnen. Aangelegd met EU-subsidie of in het kader van lokale toerisme-bevorderende beleidsplannen.

Wisselend weer & wind.

Dagafstand: theoretisch 100 km, maar ze zijn nooit zo lang.

a4 – het Hemelse Bospad

Het Hemelse Bospad is als een oase in de woestijn van een snikhete dag. Onder de bomen is de lucht fris en koel; de paden zijn onverhard maar toch gelijkmatig en uitstekend berijdbaar: vaak bedekt met dennennaalden, schelpen of gewoon mooi harde leem. Pas wel op voor op onverwachte plekken stilstaande kaartlezende fietsers.

Dagafstand:~ 70 km.

b) Zwoegpaden

b1 – de Agrarische Surprisecocktail

Zoals de naam al aangeeft, treft men dit type pad veel aan in agrarische streken. Er hangt iets omheen van een “bevochten zijn” van het recht van overpad op de plaatselijke agrariërs (die niks van die Stadse Lui moet’n hebb’n) door de autoriteiten (die het toerisme willen bevorderen).

Zo kan een stukje Ústi-nad-Labem-pad plotseling overgaan in een schonkig, brokkelig en verzakt betonnen-stroken-pad en weer terug; word je regelmatig op trajecten met intense gierstank getrakteerd of kom je op stukken regionale weg-met-auto’s terecht waar boerenknechten in opgevoerde Opels overheen razen.

Dagafstand: 40 – 50 km

De Agrarische Surprisecocktail bestaat uit de volgende mogelijke ondersoorten (eventueel afgewisseld met stukken Blijfietspad):

b1a – de Snok-Zandbak

Deze onverwachte plekken met rul zand op onverharde agrarische paden treft men bv. aan net na een bocht onderaan een afdaling. Het humoristische effect is dat de zwaarbeladen fietser hierin onderuit gaat en languit in het zand snokt (= met de boventanden in het zand happen)

b1b – de Kabonkabotsknots-Betonstroken

Het is mogelijk om met aaneensluitende betonplaten een prachtig glad pad te maken (ofwel twee losse stroken, ofwel een brede strook); maar met halfvergane, afgebrokkelde en verzakte betonplaten kan zelfs de stevigste fiets in korte tijd kromgeklopt worden. Het voelt ongeveer als “Ka-BONK-a-BONKK-a-BOTSKNOTTS-BONKK a BOTS-KNOTS-BOTS-a-BONK”

b1c – De Nonlineaire Möbius-Asfaltstrip

Bij Kabonkabotsknots-betonplaten voelt men ook wel aan dat het soms te gek wordt. Daarom asfalteert men de ruimte tussen de twee stroken gevormd door de betonplaten om daarmee de fietser een gladdere tussen-optie te bieden. Maar deze asfaltstrip vervormt onder de invloed van zon, hitte, vorst en passerende landbouwvoertuigen binnen korte tijd op topologisch onverklaarbare wijze tot een onmogelijk-kronkelend Möbius-Klein oppervlak (wat beter vermeden kan worden als men tenminste niet in een andere dimensie wil aankomen als waaruit men vertrokken is).

b1d – de RegioRacebaan

Zoals al vermeld, lukt het niet overal om het recht van overpad aan de plaatselijke bevolking te ontfutselen. In deze gevallen moet men over de regionale wegen fietsen. Meestal gaat dit wel, maar houd rekening met racende boerenknechten-op-weg-naar-de-kermis; enorme combines met rondwentelende prikwielen, brullende 32-Tons-Tractoren en file-omzeilende BMW’s.

b2 – het Boskukel

Dit bospad kronkelt zich als een hazelworm tussen de stammen door, en tracht dezelfde bochten ook verticaal te implementeren. Kenmerkend is de Kukelkuil: een gat van ~3 meter diep en ~6 meter lang, waarmee de bepakte vakantiefietser in een achterwaartse salto wordt gelanceerd.

Dagafstand: 0 – 30 km

b3 – die Industriewandergang

Dit type fietspad bevindt zich ofwel direct naast, ofwel op asfaltwegen in industriegebieden waar het altijd spitsuur is, 32 graden en volle brandende zon. Dieselwalm uitbrakende Dertigtonners razen onophoudelijk langs je linkerhand en een vlagerige tegenwind blaast zandkorrels in je contactlenzen. De lokale zwaartekracht is zodanig gekanteld dat alle wegen bergopwaarts voelen.

Dagafstand: 35 km

b4 – de Tokkiestaetedreef

Een verzakt en slecht onderhouden, bonkebonkig pad langs eindeloos door lugubere buitenwijken of verlaten industrieterreinen kronkelende wegen. Vervallen benzinestations en goedkope snackbars van waaruit ge-T-shirte, vijandige sportschooltypes met blikken werpen, wisselen zich af met roestige fabrieken en grauwe DDR-huurkazernes waartussen eem enkeling zich haastig voortrept. Het is hier altijd half 8 ‘s avonds en je hebt nog geen onderkomen voor de nacht gevonden.

Dagafstand: NVT